Systematiek van Nederlandse zoetwater bryzoën

Switch to English
English

  1. Introductie
  2. Weblog
  3. Dank
  4. Bronnen en links
  5. Beschrijving methode
  6. Zoeken

Introductie

Deze pagina beschrijft de systematiek van de zoetwater bryozoën en is grotendeels ontleend aan [Ryland] en [Mundy]. Verderop op deze pagina worden ook de verschillende klassen en genera in meer detail beschreven.
Zie het overzicht van alle synoniemen om snel een soort bij een synoniem op te kunnen zoeken (gebruik de zoekfunctie van de browser (CTRL-F).

Van de drie klassen in het phylum Bryozoa komen er twee (deels) in zoet water voor:

  1. De Gymnolaemata (deels)
  2. De Phylactolaemata (volledig)

De klasse Gymnolaemata omvat, in zoet/brak water, de volgende genera:

  1. Paludicella (zoet)
  2. Victorella (brak)

De klasse Phylactolaemata omvat de volgende genera:

  1. Cristatella
  2. Fredericella
  3. Lophopodella
  4. Lophopus
  5. Pectinatella
  6. Plumatella

Volgens [Mundy] pagina 13 zijn de volgende bryozoën in (Noord-West) Europa te vinden. Daarnaast is er recent nog een nieuwe soort beschreven (P. geimermassardi).

Klasse Familie Genus Soort Beschreven door
Gymnolaemata Ctenostomata Paludicella P. articulata Ehrenberg 1831
Gymnolaemata Ctenostomata Victorella V. pavida Savilli Kent 1870
Phylactolaemata Cristatellidae Cristatella C. mucedo Cuvier 1798
Phylactolaemata Fredericellidae Fredericella F. sultana Blumenbach 1779
Phylactolaemata Lophopodiae Lophopus L. crystallinus Pallas 1768
Phylactolaemata Lophopodiae Pectinatella P. magnifica Leidy 1851
Phylactolaemata Plumatellidae Hyalinella H. punctata Hannock 1850
Phylactolaemata Plumatellidae Plumatella P. casmiana Oka 1907
Phylactolaemata Plumatellidae Plumatella P. emarginata Allman 1844
Phylactolaemata Plumatellidae Plumatella P. fruticosa Allman 1844
Phylactolaemata Plumatellidae Plumatella P. fungosa Pallas 1768
Phylactolaemata Plumatellidae Plumatella P. geimermassardi Wood & Okamura 2004
Phylactolaemata Plumatellidae Plumatella P. repens Linnaeus 1758

Detail beschrijving van klassen en ordes

Klasse Gymnolaemata

Voor de Gymnolaemata in zijn algemeen geldt dat:

  1. Zooiden cylindrisch of compact zijn
  2. De lophophoor (vrijwel) cirkelvormig is
  3. Er géén epistome is
  4. De lichaamswand bestaat uit verschillende weefsels, zonder spierweefsel
  5. De lichaamswand soms gecalcificeerd is (niet in zoet/brakwater soorten)
  6. Het mechanisme voor uitstulpen van de lophophoor afhankelijk is van deformatie van de lichaamswand door spieren
  7. Het coelom van iedere zooide gescheiden is van alle andere door een schot (spetum) of een dubbele wand
  8. Nieuwe zooiden geproduceerd worden door (vaak vlak naast elkaar liggende) vertakkende series achter groeipunten door de vorming van nieuwe septa
  9. Cystide vorming gaat vooraf aan polypide vorming
  10. Er grote hoeveelheden spermatozoa ontstaan
  11. Zooiden polymorf zijn (marine soorten)

Klasse Phylacolaemata

Voor de Phylacolaemata in zijn algemeen geldt dat:

  1. Zooiden in hoofdvorm cylindrisch zijn
  2. De lophophore, en dus de tentakelkrans, hoefijzervormig is
  3. De tentakelkrans dubbel is, waarbij de binnenste tentakels korter zijn dan de buitenste
  4. De mond geplaatst is in de bocht van de hoefijzervormige lophophoor (in het korte deel van de U)
  5. Er een epistome is
  6. De lichaamwand spierweefsel bevat
  7. het mechanisme voor uitstulpen van de lophophoor afhankelijk is van de circulaire spieren in de lichaamswand
  8. Er géén verkalking van de wand optreed
  9. Het coelom continu (open verbonden) is tussen de zooiden
  10. Nieuwe zooiden ontstaan door eerst de polypide (niet-lophophoor structuur) te repliceren
  11. De cystiden differentiëren nadat de polypiden ontstaan zijn
  12. Er grote hoeveelheden spermatozoën ontstaan
  13. Er statoblasten gevormd worden

Orde Ctenostomata

Speciaal de orde Ctenostomata (ktenos = kam, stoma = mond) is voor zoetwater relevant. Hiervoor geldt dat:

  1. Er een sub-orde Carnosa is
  2. De zooiden cylindrisch tot afgeplat zijn
  3. De wanden membraanachtig tot gelatineus zijn, niet verkalkt
  4. De opening (vrijwel) aan het einde van de polypide staat
  5. de opening vaak afgesloten wordt door een kraag

sub-orde Carnosa

Voor de sub-orde Carnosa is interessant dat:

  1. De primaire zooide door knopvorming volwaardige 'dochter' zooiden vormt (in zee levende soorten soms anders)
  2. De zooiden afgeplat zijn en 'adherent' en niet op een stolon staan
  3. Als twee kolonies elkaar al groeiend tegen komen dan
    1. groeien ze niet samen
    2. groeien ze niet over elkaar heen (wat ze wel met andere 'obstakels' zouden doen)
  4. Als twee lobben van één kolonie elkaar al groeiend tegenkomen dan smelten ze samen