Plumatella geimermassardi (Wood & Okamura 2004)

Switch to English
English

  1. Meer informatie
  2. Foto's
  3. Microscoop foto's en video's
  4. Statoblasten

Voorstel voor Nederlandse naam: ??? bryozo of mosdier

Plumatella geimermassardi

Systematiek

Klasse Familie Genus Soort Beschreven door
Phylactolaemata Plumatellidae Plumatella P. geimermassardi Wood & Okamura 2003

Synoniemen

De volgende synoniemen zijn gebruikt voor Plumatella geimermassardi:

  1. Geen

Beschrijving

Zie ook de algemene klasse en orde beschijving in de systematiek pagina.
Bij de beschrijving wordt een combinatie van literatuur gebruikt [Wood 2003] en [Wood 2005].

Algemeen Kolonies van vertakkende, nauw tegen elkaar gelegen en soms fuserende buizen, groeien nauw tegen het substraat met weinig vrijhangende takken, vooral als er weinig ruimte is op het substraat
De zoöide wand is meest glad en transparant, soms licht bedekt met partikels en veelal zonder duidelijke 'raphe' (kiel); bij oudere kolonies wordt de wand donkerder, maar nog steeds transparant.
De kolonie buizen hebben duidelijke versterkingsringen die voor circa 80% gesloten zijn.
Kleur Transparant, chitineus; oudere colonies donkerder
Tentakelkrans Tentakelkrans hoefijzervormig met 30 - 40 tentakels.
Afmetingen De zoöide buis heeft een diameter van 250 - 450 m
Statoblasten Drijvende statoblasten (floatoblasten) zijn relatief klein en breed. Laterale symmetrie is gangbaar. De twee helften zijn vergelijkbaar in frontaanzicht, elk met een grote 'fenestra' en een annulus. De floatoblast heeft lage, zwak gevormde tubercules die naar het centrum toe onduidelijker worden.
De zinkende statoblasten (sessoblasten) zijn volledig bedekt met goed gedefiniëerde tubercules langs de frontale helft en langs beide zijden van de annulus
Er zijn meerdere statoblasten per zoöide
Leefomgeving Stilstaand water, zoals vijvers
Verspreiding Bekend van Ierland, Engeland, België, Zuid Noorwegen, noord Duitsland en Italië
Aangenomen mag worden dat de soort in grote delen van Europa voorkomt. De grens aan de verspreiding naar het oosten is nog onduidelijk.
Aanvullend Plumatella geimermassardi is een nieuw beschreven soort.
Het is duidelijk dat de soort al lang in de regio voorkomt. Het oudste materiaal gaat terug naar 1845 (en was fout gedetermineerd)
De soort is zeldzaam

Relevante literatuur

  1. [Wood 2003] - Plumatella geimermassardi, a newly recognized freshwater bryozoan from Britain, Ireland and continental Europe
  2. [Wood 2005] - A new key to the freshwater bryozoans of Britain, Ireland and Continental Europe

Eigen waarnemingen

  1. Ik heb P. geimermassardi gevonden op de betonnen muren van een duiker - een doorgang van de Drentse Aa. De muren waren over een lengte van circa 6 meter op veel plaatsen begroeid, behalve nabij de ingangen.
  2. Ik had op deze plek in eerdere jaren al deze bryozo gezien, maar had deze aangezien voor P. fungosa. P. fungosa en P. geimermassardi hebben een vergelijkbare lophophoor grootte (kleiner dan P. repens) en de zelfde wat grijzig witte kleur (P. repens is meer bruinig).
  3. Pas nadat ik een monster mee naar huis nam voor bestudering onder de micrsocoop werd duidelijk dat het P. geimermassardi was en niet P. fungosa.
    De zooiden liggen los van elkaar en de kolonies zijn rommelig in vergelijking tot P. fungosa. In vergelijking met P.repens zijn de zooiden en koloniebuizen van P. geimermassardi transparant en die van P. repens bruiner.
  4. Ik ga er nu van uit dat P. fungosa altijd in compacte vorm groeit, terwijl P. geimermassardi meer vergelijkbaar is met P.repens: rommelige kolonies met dicht op elkaar groeiende zooiden in sommige plaatsen en uitlopers op andere plaatsen.
  5. Ik vind deze bryozo op deze plaats uitsluitend enkele weken in mei/juni. De watertemperatuur is dan circa 15 graden en het valt samen met de voorjaarsalgenbloei. Het lijkt er op dat er maar n generatie is in een jaar. Ik ga dit in de gaten houden.
  6. Over de habitat is verder te vertellen dat het een betonnen doorvoer is (dus altijd donker) met stilstaand tot traag stromend behoorlijk eutroof water. De zichtdiepte is 30-40 cm op zijn best.
  7. Behalve P. geimermassardi zijn er ook zoetwatersponzen te vinden en zo hier en daar F. sultana.
  8. P. geimermassardi is vorig jaar voor het eerst in Nederland gevonden (herkend) en groeide toen op een stuk plastic afval in een behoorlijk eutroof meer in Limburg. Het lijkt er op dat P. geimermassardi andere substraat voorkeuren heeft dan P. fungosa en P. repens (meer op hout en steen). Ook dit verdient het om in de gaten gehouden te worden.
  9. Tussen de P. geimermassardi colonie zag ik een assel (Assel assel), een borstelworm en enkele nematoden. Ook was er een roeipootkreeftje (Cyclops sp), waarschijnlijk verdwaald geraakt, er waren er meerdere vrij in het water.